20,67

Op voorraad

VERPAKKING
60 v-caps
GEBRUIK
1 capsule per dag
ALLERGENEN
Bevat geen allergenen
SAMENSTELLING PER CAPSULE
Vitamine C (ascorbinezuur) 120 mg
Rosa canina extract (Hondroos) 50 mg
Urtica Doica extract (Grote brandnetel) 50 mg
ljzerbisglycinaat 15 mg
ljzergluconaat 1 0 mg

Indicaties

Ferrumix Plus bevat ijzer en bijgevolg:

  • ijzer draagt bij tot normale cognitieve functie
  • ijzer draagt bij tot een normaal energieleverend metabolisme
  • Ijzer draagt bij tot een normaal zuurstoftransport
  • ijzer draagt bij tot een vermindering van vermoeidheid en moeheid
  • ijzer draagt bij tot normale werking van immuunsysteem

Vraag raad aan uw arts of apotheker bij het gebruik van Urtica Doica.

CNK
3093010
AS
2214/22
  • Tal van veilige betaalmethoden
  • Gratis levering vanaf €35
  • Voor 16h besteld, dezelfde dag verzonden
  • Gratis retourneren binnen 14 dagen
  • Gratis online advies van onze apotheker
  • ijzer draagt bij tot normale cognitieve functie
  • ijzer draagt bij tot een normaal energieleverend metabolisme
  • Ijzer draagt bij tot een normaal zuurstoftransport
  • ijzer draagt bij tot een vermindering van vermoeidheid en moeheid
  • ijzer draagt bij tot normale werking van immuunsysteem

Ferrumix Plus helpt bij ijzertekort. Vermoeidheid, een bleke huid en spierpijn zijn signalen die wijzen op een tekort aan ijzer. Ferrumix Plus bevat vitamine C, de enige voedingsstof die rechtstreeks de ijzeropname door het lichaam beïnvloedt. Vitamine C-tekort wordt daarom direct gelinkt aan ijzertekort.

Ferrumix Plus bestaat uit een aantal bondgenoten van vitamine C. Zo hebben hondsroos en grote brandnetel van nature een hoog ijzergehalte. Ferrumix Plus is aangevuld met extra ijzer in de vorm van ijzer-bisglycinaat en ijzer-gluconaat. Ze hebben beide een hoge biologische beschikbaarheid en worden makkelijk opgenomen door het lichaam. Het maakt hen samen met vitamine C als Ferrumix Plus tot een efficiënt natuurlijk voedingssupplement bij ijzertekort.

Vitamine C activeert het afweersysteem, vult de antioxidanten in het lichaam aan en versnelt herstel na ziekte. De beste vormen van vitamine C zijn de zogenaamde ‘ontzuurde’ vormen van vitamine C. Dit zijn de mineraalascorbaten, die milder zijn voor de maagwand en beter worden opgenomen. Onderzoeken naar de farmacologische werking van mineraalascorbaten hebben aangetoond dat de resorptie twee keer zo snel verloopt vergeleken met toediening van vitamine C in de vorm van ascorbinezuur.

Vitamine C is onmisbaar bij de kraakbeenvorming en is nodig voor het overdragen van sulfaatgroepen bij de vorming van proteoglycanen. Vitamine C remt de lysosomenenzymen, die kraakbeen afbreken, af en gaat de vorming van vrijeradicalen tegen. Studies hebben uitgewezen dat suppletie met vitamine C een drievoudige reductie in het risico op progressie van artrose kan geven. Dit gunstige effect van vitamine C op artrose kan vooral worden verklaard doordat vitamine C een belangrijke rol speelt bij de aanmaak van kraakbeencollageen en door de krachtige antioxidatieve werking van vitamine C waardoor kraakbeen beter wordt beschermd tegen afbraak.

Vitamine C is de enige voedingsstof  die een rechtstreekse invloed heeft op de ijzeropname in het lichaam.  Een tekort van vitamine C kan daarom de oorzaak zijn van een ijzertekort. Personen met een hoog risico op ijzertekort zijn gebaat met extra opname van vitamine C. Dat is bijvoorbeeld het geval bij mensen met infecties en andere chronische ziekten die veel energie vergen van het lichaam. Ook meisjes  die last hebben van zware menstruaties en pas bevallen vrouwen zijn gebaat bij de opname van extra vitamine C.

Tijdens de zwangerschap en borstvoeding wordt een megadosis vitamine C ontraden.

Bij doseringen vitamine C die hoger liggen dan het lichaam nodig heeft, kan de niet-opgenomen vitamine C in de dikke darm water aantrekken en zo (osmotische) diarree veroorzaken (‘bowel tolerance’). Wanneer de dosering wordt verlaagd, dan verdwijnt dit verschijnsel.

Vitamine C is volkomen ongevaarlijk. De veiligheid van megadoseringen vitamine C is vastgesteld in tenminste acht placebogecontroleerde dubbelblinde studies en klinische studies zonder placebo, waarbij gedurende drie jaar dagelijks tot 10.000 mg vitamine C werd ingenomen. Berichten die stellen dat hoge doses vitamine C calciumoxalaat-nierstenen kan veroorzaken zijn terug te voeren op een oude studie waarbij het oxaalzuur (naar later bleek) pas in de reageerbuis was ontstaan.

Vitamine C verhoogt de absorptie van ijzer, verlaagt de absorptie van koper en verstoort de bloedtest voor vitamine B12. Interacties met reguliere of natuurgeneesmiddelen zijn mogelijk. Raadpleeg hiervoor een deskundige.

Hoeveel vitamine C we nodig hebben, is onderwerp van felle discussies. De doseringsadviezen die gegeven worden variëren tussen 60 mg en 18.000 mg per dag voor gezonde personen. Bij ziekte en stress kunnen de doseringsadviezen nog verder oplopen.

Vrijwel alle diersoorten kunnen zelf vitamine C produceren. De geproduceerde hoeveelheden zijn al snel enkele tientallen milligrammen per kilogram lichaamsgewicht per dag. Wanneer een dier onder stress staat, kan dat zelfs oplopen tot zo’n 200 tot 300 mg per kilogram lichaamsgewicht per dag.

Het is niet raar om te veronderstellen dat wanneer de mens het vermogen om zelf vitamine C te produceren niet verloren zou hebben, onze eigen productie in dezelfde grootorde zou liggen. Dit zou de dagelijkse behoefte voor een gezond persoon op tenminste enkele grammen brengen.

Vaak wordt als bovenlimiet de zogenaamde ‘bowel tolerance’ aangehouden: de hoeveelheid vitamine C die net geen diarree veroorzaakt. Niet-opgenomen vitamine C verdwijnt namelijk naar de dikke darm, waar het water aantrekt en zo (osmotische) diarree veroorzaakt.

Bij hogere doseringen vitamine C wordt aangeraden een vitamine C-ascorbatenpoeder te gebruiken. Het is belangrijk de vitamine C-inname over de dag te spreiden om een evenwichtige opname te krijgen. Drie gram over de dag verspreid is veel effectiever dan één keer per dag vijf gram vitamine C. Vitamine C-kauwtabletten en een vitamine C-ascorbatenpoeder zijn voor dit doel zeer geschikt.

Vitamine C (ascorbinezuur) is betrokken bij de opbouw van alle steunweefsels in het lichaam. Het versterkt de invloed van glucosamine. Vitamine C verhoogt ook het effect van MSM. Het stimuleert eveneens de opbouw van kraakbeen.

Contra-indicaties zijn nierfalen, trombotische gebeurtenissen, hoge bloeddruk en een verhoogde zuurgraad.

Geen nevenwerkingen bij de aangegeven doses. Bij het eten van zaden in grote hoeveelheden bestaat theoretisch het gevaar op cyanide-vergiftiging.

Rozenbottels mogen nooit in metalen vaten behandeld of bewaard worden. Het vitaminegehalte wordt er sterk door aangetast.

Nebulisaat (1:4): drie keer 50 tot 400 mg per dag, gedurende meerdere weken.

Het bekendste is de Grote brandnetel om zijn hoge ijzergehalte en wordt daarom vaak aangeraden bij bloedarmoede. Brandnetel bevat immers veel gebonden ijzer, en die is makkelijk opneembaar door het lichaam.

Brandnetelkruid in hoge doses dient vermeden te worden tijdens de zwangerschap door het mogelijks baarmoederstimulerend effect door onder andere serotonine-componenten. Niet geven bij allergie aan urticaceae,  bij oedeem door hart- en nierlijden en bij nierlijden en nierinsufficiëntie door het gehalte aan silicium dat kan kristaliseren.

Bereidingen uit brandnetelblad- of wortel kunnen maagdarmklachten veroorzaken of een allergische huiduitslag geven.

Er zijn mogelijke interacties met ontstekingsremmers. Het extract van brandnetelblad potentieert het ontstekingswerend effect ervan. Ook mogelijke interacties met orale bloedsuikerverlagende medicijnen en insuline (soms moet de dosis aangepast worden door de arts) en met MAO-remmers. Monoamino-oxidaseremmers, oftewel MAO-remmers, blokkeren de werking van monoamino-oxidase (MAO).

De aangewezen gemiddelde dagdosis bedraagt het equivalent van 4 tot 6 gram wortel of 600 tot 1.200 mg van een gedroogd 20 % methanolextract (5:1).

Bij ijzertekort kent Grote brandnetel een hoge mate van synergie met vitamine C.

IJzer is een sterke pro-oxidant, waardoor het verhogen van het ijzer-niveau in het lichaam in principe kan leiden tot extra oxidatie van LDL-cholesterol en meer beschadigingen van de vaatwanden. Ook andere gevolgen van een verhoogde radicaaldruk kunnen door extra ijzer worden veroorzaakt. Aanvulling van de therapie met antioxidanten wordt dan ook ten zeerste aangeraden.

Niet gebruiken bij ijzerstapelingsziekte (hemachromatose) en levercirrose.

IJzer komt in de voeding vooral voor in rood vlees, vis en gevogelte. Een andere, minder goed opneembare vorm van ijzer wordt aangetroffen in onder andere bonen, gedroogd fruit, graanproducten en bladgroenten.

IJzerbisglycinaat is een zeer goed opneembare, organische vorm van ijzer waarbij ieder ijzerdeeltje gebonden (gecheleerd) is aan twee moleculen van het aminozuur glycine.

IJzer is het centrale onderdeel van het hemoglobine-molecuul in de rode bloedcellen, het zuurstofvervoerende onderdeel van de rode bloedcel. Rode bloedcellen pikken zuurstof op in de longen en transporteren het door het hele lichaam. Verder is ijzer nodig voor een aantal belangrijke enzymsystemen in het lichaam (onder andere cytochroom, catalase). IJzer wordt in de vorm van myoglobine opgeslagen in de spieren. IJzer is verder een belangrijk co-enzym bij de productie van alle neurotransmitters en heeft een belangrijke rol in de ademhalingsketen (aerobe stofwisseling).

De ijzer-absorptie is een subtiel proces en wordt door vele factoren beïnvloed. IJzer wordt in het algemeen slechts in zeer geringe hoeveelheden uit de voeding geresorbeerd. Bovendien hebben heel wat mensen een marginale ijzerinname. IJzer-deficiëntie komt dan ook veel voor, met name bij vrouwen. Belangrijke risicogroepen zijn kinderen in de groei, zwangerschap, menstruerende vrouwen of na operaties met bloedverlies. Door een slechte absorptie en inname lopen vegetariërs en ouderen meer risico op ijzer-deficiëntie. De eerste symptomen van ijzer-deficiëntie zijn zwakte, moeheid en verlies van uithoudingsvermogen; op termijn treedt ook anemie op.

Voor een optimale ijzer-opname en verwerking dienen in een goed organisch ijzer-supplement een aantal synergisten aanwezig te zijn. De meest belangrijke zijn vitamine C, de vitaminen van het B-complex en koper.

Vitamine C verhoogt de ijzer-opname in doseringen vanaf 200 mg vitamine C (als ascorbinezuur). De vitamine C-status is niet alleen belangrijk voor de intestinale ijzer-opname, maar ook voor de cellulaire ijzer-opname en –stofwisseling. NSAID’s kunnen de ijzer-status verlagen door beschadiging van de slijmvliezen in het maagdarmkanaal met (subklinisch) bloedverlies. Calcium kan de ijzer-absorptie verlagen. Suppletie met vitamine B2 (riboflavine) kan de bloedaanmaak door ijzer-suppletie versterken.

De Aanbevolen Dagelijkse Hoeveelheid (ADH) voor mannen tussen de 22 en 50 jaar is vastgesteld op 11 milligram en voor volwassen vrouwen op 15 milligram.

IJzer wordt het beste geabsorbeerd op een lege maag (twee uur na de maaltijd) en bindt zich aan maagzuurremmers en sommige medicijnen. Organische ijzervormen (zoals ijzerfumaraat en ijzergluconaat) worden goed geabsorbeerd en veroorzaken minder of geen van de bijverschijnselen die bij anorganische ijzer-supplementen (zoals ijzersulfaat; ‘staalpillen’) regelmatig worden waargenomen, zoals constipatie en intestinale stoornissen.

De verstrekking van organisch ijzer en de eventuele adjuvantia moet na een doorgemaakte anemie langdurig plaatsvinden. Het kan maanden tot meer dan een jaar duren voor de ijzerdepots in het lichaam weer geheel gevuld zijn. Als de hemoglobinewaarde zich door ijzer-suppletie heeft genormaliseerd moet de kuur nog zes weken worden doorgezet om de ijzerdepots in het lichaam goed op te vullen. Langdurig gebruik van hoge doses organisch ijzer (meerdere capsules per dag) kan vanwege het gevaar van ijzerstapeling alleen plaatsvinden bij regelmatig monitoren van de ijzerstatus.

Ongecompliceerde ferriprieve anemie kan met orale ijzer-suppletie goed worden bestreden, onder voorwaarde dat er een aantal synergisten aanwezig zijn die zorgen dat de opname ook daadwerkelijk kan plaatsvinden. Hierbij moeten we denken aan stoffen als vitamine C, vitamine B1, B2, B3, B5, B6 en B12 en niet in de laatste plaats magnesium. Al deze synergisten zijn in Haematonyl aanwezig.

Verder wordt vanwege het pro-oxidatieve karakter van ijzer aangeraden de therapie te ondersteunen met sterke antioxidanten. Een belangrijke synergist van de stofwisseling van ijzer is vitamine C dat in het darmkanaal plantaardig non-haem ijzer omzet in haem-ijzer en daardoor de absorptie van ijzer verbetert. Als basissuppletie wordt vitamine C en een goede multi aangeraden.

Ongecompliceerde ferriprieve anemie kan met orale ijzer-suppletie goed worden bestreden, onder voorwaarde dat er een aantal synergisten aanwezig zijn die zorgen dat de opname ook daadwerkelijk kan plaatsvinden. Hierbij moeten we denken aan stoffen als vitamine C, vitamine B1, B2, B3, B5, B6 en B12 en niet in de laatste plaats magnesium. Al deze synergisten zijn in Haematonyl aanwezig.

Verder wordt vanwege het pro-oxidatieve karakter van ijzer aangeraden de therapie te ondersteunen met sterke antioxidanten. Een belangrijke synergist van de ijzerstofwisseling is vitamine C dat in het darmkanaal plantaardig non-haem ijzer omzet in haem-ijzer en daardoor de absorptie van ijzer verbetert. Als basissuppletie wordt vitamine C en een goede multi aangeraden.

De Aanbevolen Dagelijkse Hoeveelheid (ADH) voor mannen tussen de 22 en 50 jaar is vastgesteld op 11 milligram en voor volwassen vrouwen op 15 milligram.

IJzer wordt het beste geabsorbeerd op een lege maag (twee uur na de maaltijd) en bindt zich aan maagzuurremmers en sommige medicijnen. Organische ijzervormen (zoals ijzerfumaraat en ijzergluconaat) worden goed geabsorbeerd en veroorzaken minder of geen van de bijverschijnselen die bij anorganische ijzer-supplementen (zoals ijzersulfaat; ‘staalpillen’) regelmatig worden waargenomen, zoals constipatie en intestinale stoornissen.

De verstrekking van organisch ijzer en de eventuele adjuvantia moet na een doorgemaakte anemie langdurig plaatsvinden. Het kan maanden tot meer dan een jaar duren voor de ijzerdepots in het lichaam weer geheel gevuld zijn. Als de hemoglobinewaarde zich door ijzer-suppletie heeft genormaliseerd moet de kuur nog zes weken worden doorgezet om het gehalte ijzer in het lichaam goed op te vullen. Langdurig gebruik van hoge doses organisch ijzer (meerdere capsules per dag) kan vanwege het gevaar van ijzerstapeling alleen plaatsvinden bij regelmatig monitoren van de ijzer-status.

Vitamine C verhoogt de ijzer-opname in doseringen vanaf 200 mg vitamine C (als ascorbinezuur). De vitamine C-status is niet alleen belangrijk voor de intestinale ijzer-opname, maar ook voor de cellulaire ijzer-opname en –stofwisseling. NSAID’s kunnen de ijzer-status verlagen door beschadiging van de slijmvliezen in het maagdarmkanaal met (subklinisch) bloedverlies. Calcium kan de ijzer-absorptie verlagen. Suppletie met vitamine B2 (riboflavine) kan de bloedaanmaak door ijzer-suppletie versterken.

IJzer is een sterke pro-oxidant, waardoor het verhogen van het ijzer-niveau in het lichaam in principe kan leiden tot extra oxidatie van LDL-cholesterol en meer beschadigingen van de vaatwanden. Ook andere gevolgen van een verhoogde radicaaldruk kunnen door extra ijzer worden veroorzaakt. Aanvulling van de therapie met antioxidanten wordt dan ook ten zeerste aangeraden.

Niet gebruiken bij ijzerstapelingsziekte (hemachromatose) en levercirrose.

IJzer komt in de voeding vooral voor in rood vlees, vis en gevogelte. Een andere, minder goed opneembare vorm van ijzer wordt aangetroffen in onder andere bonen, gedroogd fruit, graanproducten en bladgroenten.

IJzergluconaat is een vorm van ijzer die het lichaam makkelijk kan opnemen.

TOEVOEGEN AAN WINKELMAND