44,11

Op voorraad

VERPAKKING
60 capsules
GEBRUIK
1 à 2 capsules per dag
ALLERGENEN
Bevat geen allergenen
SAMENSTELLING PER CAPSULE
Beta 1,3/ 1,6 D Glucan 300 mg
Zinkcitraat 48,5 mg

Indicaties

Glucan plus bevat zink en draagt dus bij tot een normale werking van het immuunsysteem.

  • Zink draagt bij tot normale werking an het immuunsysteem
  • Zink draagt bij tot normale metabolisme van macronutriënten
  • Zink draagt bij tot normale instandhouding van haar, huid en nagels
CNK
3178803
AS
2214/8
  • Tal van veilige betaalmethoden
  • Gratis levering vanaf €35
  • Voor 16h besteld, dezelfde dag verzonden
  • Gratis retourneren binnen 14 dagen
  • Gratis online advies van onze apotheker

Glucan Plus is een natuurlijke immuniteitsversterker. Het beschermt tegen verkoudheden, bronchitis en andere luchtwegeninfecties. Voor zijn beschermende werking doet Glucan Plus een beroep op  zink-citraat.

Zink-citraat draagt bij tot de normale werking van het afweersysteem en zorgt voor de bescherming van cellen tegen oxidatieve schade.

  • Zink draagt bij tot normale werking an het immuunsysteem
  • Zink draagt bij tot normale metabolisme van macronutriënten
  • Zink draagt bij tot normale instandhouding van haar, huid en nagels

Bètaglucanen zijn complexe vezels (polysacchariden) uit de celwand van haver, gerst en vele medicinale paddenstoelen, zoals maitake en shiitake.

Er bestaan veel verschillende soorten bètaglucanen. Zo hebben bètaglucanen uit paddenstoelen en gisten (onder andere lentinan uit shiitake) vooral een immunomodulerend effect.

Bètaglucanen uit paddenstoelen en gisten zijn momenteel de meest veelbelovende klasse van immunostimulerende stoffen. Bètaglucanen uit granen (met name haver) hebben geen immunomodulerend effect en worden vooral ingezet bij cardiovasculaire aandoeningen.

Bètaglucanen zijn de laatste dertig jaren intensief onderzocht. Het meeste onderzoek heeft plaatsgevonden in relatie tot het immuunsysteem. In bètaglucanen zijn glucosemoleculen met elkaar verbonden via zogenaamde bètaverbindingen. De glucose-eenheden kunnen op verschillende manieren met elkaar verbonden zijn. Zo kan het eerste koolstofatoom van een glucosemolecule met het derde koolstofatoom van de volgende verbonden zijn. Men spreekt dan van een bèta-1,3-verbinding. Maar ook bèta-1,4-, bèta-1,6, bèta-2,3- en bèta-3,6- verbindingen kunnen voorkomen.

In bèta-1,3/1,6-glucaan is er een basisketen met bèta-1,3 verbindingen, waarbij de zijketens via bèta-1,6 verbindingen worden gevormd. Lentinan uit shiitake bestaat volledig uit bèta-1,3/1,6-glucanen.

Voor immunostimulatie is het belangrijk dat de bètaglucaanketens veel 1,3-1,6 verbindingen bevatten. Andere verbindingen, zoals 2,3 en 3,6 zijn dan ineffectief en dragen alleen bij aan het vezelgehalte. Om goed werkzaam te kunnen zijn, dient het bèta-1,3/1,6-glucaanmolecule bovendien gezuiverd te zijn van vetten, eiwitten en  contaminanten.

Bètaglucaan is zuurresistent, dus passeert het de maag vrijwel ongeschonden. In het darmkanaal worden de grote bètaglucaanmoleculen opgenomen door macrofagen in de darmwand, waarna ze geactiveerd worden en terugreizen naar de lymfeknopen en het beenmerg. In het beenmerg worden de bètaglucanen in kleinere glucaanfragmenten afgebroken die daar binden met specifieke receptoren op immuuncellen (neutrofielen en eosinifielen) in het beenmerg, welke vervolgens worden geactiveerd.

Bètaglucanen zijn relatief grote moleculen, maar met name lentinan uit shiitake is erg groot, waardoor de orale biologische beschikbaarheid wordt beperkt. Om deze reden wordt lentinan vaak intraveneus toegediend. Niettemin worden na orale inname zowel grote als kleine fragmenten van bètaglucanen aangetroffen in het bloed, wat betekent dat er toch absorptie plaatsvindt in het maag- en darmkanaal.

Er zijn geen negatieve bijwerkingen bekend van bèta-1,3/1,6-glucaan.

Er is nog te weinig onderzoek gedaan naar interacties in relatie tot bètaglucaan.

In veel studies worden tamelijk hoge doseringen bètaglucaan gebruikt, tot zelfs 3.000 mg per dag. Echter met doseringen van 100 à 200 mg per dag zijn ook goede resultaten te verwachten. Om de absorptie van bètaglucaan te bevorderen wordt aangeraden het op een lege maag in te nemen, tenminste dertig minuten voor de maaltijd.

Zink-citraat draagt bij tot de normale werking van het immuunsysteem en bescherming van cellen tegen oxidatieve schade. Tevens houdt het de geest helder en is het goed voor het geheugen.

Zink-citraat (zink gebonden aan citroenzuur) kan worden ingezet ter bevordering van het afweersysteem bij elke vorm van fysieke stress en voor een optimale koolhydraatvertering bij (top)sport.

Zink-citraat is een essentieel mineraal dat een zeer groot aantal functies vervult in het lichaam. Zo is het belangrijk voor de omzetting van koolhydraten, de aanmaak van cholesterol, bij mentale of fysieke spanning. Het werkt als cofactor voor meer dan tachtig enzymen en als bindend element houdt het de structuur in stand van een aantal niet-enzymatische moleculen. Veel van de enzymen waar zink mee werkt hebben te maken met het vervoer van CO2 vanuit de weefsels naar de longen.

Zink-citraat is een zinkverbinding die uitstekend wordt geabsorbeerd en voldoende in het lichaam wordt vastgehouden. Deze citraatverbinding verlangt immers geen spijsverteringsactiviteit om te worden opgenomen.

Zink is nodig voor de opname van andere voedingsstoffen, zoals vitamine A en B-complex en is vereist voor het vrijmaken van vitamine A uit de levervoorraad.

Eén vijfde van het lichaamszink bevindt zich in de huid. Zink helpt bij de verjonging van het weefsel en is betrokken bij enkele enzymatische reacties die nodig zijn voor de normale werking van de vetklieren van de huid. Zink heeft invloed op de gezondheid van verscheidene lichaamssystemen, zoals het zenuw-, immuun- en voortplantingssysteem en ook op de zintuigen van smaak en reuk.

Zink komt in slechts kleine hoeveelheden voor in veel verschillende voedingsmiddelen. Zink is nauw verbonden met eiwitrijk voedsel. Goede bronnen van zink zijn rundvlees, lamsvlees, varkensvlees, krab, kalkoen, kip, kreeft, mosselen en zalm.

Zink komt naast vlees, schaal- en schelpdieren ook voor in zuivelproducten, zoals melk, yoghurt en kaas. Ook komt het voor in pinda’s, pindakaas, bonen en volkoren granen, bruine rijst, volkoren brood, aardappelen en pompoenpitten.

Fruit en groenten zijn geen goede bronnen, omdat zink in plantaardige eiwitten niet zo goed beschikbaar is voor gebruik door het lichaam als het zink uit dierlijke eiwitten.

Een tekort aan zink zal zich onder andere uiten in afwijkingen van huid, slijmvliezen en skelet. Ook een veranderde reuk en gewijzigd smaakvermogen kunnen voorkomen, evenals een verminderde afweer tegen infecties. Een zinktekort is echter een heel zeldzaam verschijnsel in België.

Over het algemeen wordt zink goed verdragen. Doseringen van 100 à 150 milligram per dag kunnen soms misselijkheid en overgeven veroorzaken, met name wanneer het supplement op nuchtere maag wordt ingenomen. Deze verschijnselen treden vooral op bij zinksulfaat (220 mg zinksulfaat = 50 mg elementair zink). Van andere vormen van zink zijn deze verschijnselen minder of niet bekend.

Alhoewel voldoende zink een belangrijk mineraal is om de prostaat gezond te houden, zouden hoge doseringen zink de tumorprogressie bij een zich ontwikkelend prostaatcarcinoom juist kunnen bevorderen.

Vrouwen die de anticonceptiepil slikken hebben vaak verhoogde koperspiegels en een verhoogde behoefte aan zink. Ook een aantal andere medicijnen (bijvoorbeeld thiazidediuretica, corticosteroïden, steroïdhormonen, tetracyclines, furosemide, colchicine) hebben een negatief effect op de zinkstatus. Vooral thiazidediuretica kunnen de zinkexcretie met 60 % verhogen. Langdurig gebruik van deze medicatie maakt het monitoren van de zinkstatus noodzakelijk. Zinksuppletie verlaagt de hoeveelheid tetracycline die in het bloed wordt opgenomen. Zinksupplementen en tetracyclines moeten daarom minimaal 2 uur van elkaar gescheiden worden ingenomen.

Cadmium is een antagonist van zink en cadmiumvergiftiging (bijvoorbeeld door roken) heeft een dramatisch effect op de zinkstatus. Ook ijzer en calcium remmen de zinkabsorptie. Eiwitten verbeteren de zinkabsorptie.

Zink in een andere vorm dan zinkmethionine, vormt onopneembare complexen met de fytaten in granen, rijst en maïs, de oxalaten uit bepaalde groenten (bijv. rabarber) en tannine (bijv. thee en rode wijn).

Om de diverse metabolische functies te kunnen vervullen, heeft zink een aantal synergisten nodig. De synergisten vitamine A en C zijn essentieel voor het effect op het immuunsysteem. De B-vitaminen chroom en vanadium zijn dit voor de glucosehuishouding. Bovendien komt zinkdeficiëntie meestal nooit alleen voor. Vaak zijn er meerdere deficiënties in het spel.

TOEVOEGEN AAN WINKELMAND