Op voorraad

Aantal
Totaal

10,14

Gebruik

1 à 2 capsules 30 minuten voor de maaltijd

Samenstelling per capsule

Pancreatine 300 mg
Calciumcarbonaat (E170) 154,7 mg
Bromelaïne 100 mg
Papaïne 100 mg
Lipase 50 mg
Digezyme enzymencomplex 50 mg
Trypsine 50 mg

Bevat geen allergenen

Indicaties

Opgeblazen gevoel, winderigheid, darmkrampen, spastisch colon, ontsteking, sinusitis, zwelling

Verpakking

30 capsules

 

Inline feedbacks
Bekijk alle reacties

Enzymix Plus is een natuurlijk voedingssupplement tegen darmkrampen, winderigheid, opgeblazen gevoel, spastisch colon en ontstekingen. Het bevat de natuurlijke ontstekingsremmers bromelaïne (ananas-extract) en papaïne (papaja-extract), die geschikt zijn bij darmziektes, zoals de ziekte van Crohn, en andere chronische ontstekingen (reuma). In Zuid-Amerika worden ananas en papaja al eeuwen gebruikt bij maag- en darmproblemen en ontstekingen.

Ze zijn aangevuld met pancreatine en lipase. Als pancreasenzymen helpen ze om het voedsel makkelijker te verteren. Ook trypsine en digezyme enzymencomplex zorgen voor een betere spijsvertering. Calciumcarbonaat helpt om maagklachten, vooral voortkomend door maagzuur, te stillen. Enzymix Plus zorgt voor een vlotte spijsvertering en mildert bijhorende klachten.

Een gezond spijsverteringsstelsel helpt het lichaam de voeding af te breken tot componenten die kunnen opgenomen worden door onze cellen. Jonge volwassenen beschikken meestal nog over alle nodige verteringsenzymen om alle soorten voedsel probleemloos om te zetten in vitale eiwitten, vetten en koolhydraten. Verteringsenzymen kun je vergelijken met kleine piranha’s die de voeding opdelen in kleine moleculaire stukjes zodat ze opgenomen kunnen worden en in de bloedbaan verdeeld worden. Zo kan het lichaam gebruikmaken van de verteerde voeding. Naarmate mensen ouder worden, begint het verteringsproces minder goed te werken, omdat het lichaam, via de pancreas en de dunne darm, minder verteringsenzymen aanmaakt.

Het effect van verteringsenzymen kan uitstekend onderzocht worden via het TIM-verterings¬model van TNO (“TNO-Intestinal Model”). Dit dynamische computer gecontroleerde model simuleert de gehele fysiologische voedselvertering in het maag-darmkanaal van de mens en bepaalt diverse verteringsparameters in maag, dunne darm en colon, alsmede de microbiota.

De meest stabiele en effectieve enzymen zijn die van plantaardige en microbiële oorsprong. Deze enzymen degraderen niet tijdens de maagpassage en behouden hun werking. Tevens zijn deze enzymen over een veel breder pH-gebied (2-8) werkzaam, waardoor ze over een langer traject in het maag-darmkanaal actief zijn. Voor een grotere biologische activiteit worden bij voorkeur enzymen van verschillende bronnen gecombineerd. Een dergelijk complex kan verrijkt worden met een aantal andere gespecialiseerde enzymen, zoals maltase, lactase, alfagalactosidase, invertase en fytase. Een complex voor oraal humaan gebruik is vrij van fungale resten. Het bevat uitsluitend enzymen en heeft geen vervelende penetrante smaak of geur.

Wanneer te weinig verteringsenzymen worden aangemaakt treden spijsverteringsproblemen op waaruit voedingstekorten ontstaan en zelfs inflammatoire ziektebeelden. De enige oplossing dan is om verteringsenzymen in te nemen in supplementvorm bij de maaltijden. De enzymen zullen ervoor zorgen dat de voeding helemaal verteerd geraakt, en dat kwalen als winderigheid, een opgeblazen gevoel, brandend maagzuur en indigesties ook tot het verleden behoren. Ook mensen die kampen met voedselintoleranties zijn gebaat met dergelijke verteringsenzymen: hoe beter hun voedsel verteerd geraakt, hoe minder irritaties het zal opwekken op welke plek dan ook op de spijsverteringsweg.

Om het voedsel beter te laten verteren, zijn pancreasenzymen nodig. Deze moet u bij elke maaltijd en bij elk tussendoortje innemen. Vetten, eiwitten en koolhydraten bestaan uit lange ketens, die vaak te lang zijn om in het bloed te worden opgenomen en om te worden gebruikt als bouwstoffen en energie. Pancreasenzymen zijn een soort ‘schaartjes` die de lange ketens in stukjes knippen. Lipasen breken vet af, proteases eiwitten en amylases en cellulases koolhydraten.

Dit middel werkt meestal na een half tot één uur, omdat het dan in het juiste deel van de darmen is terechtgekomen. Het lichaam zal de voedingsbestanddelen beter kunnen opnemen. Hierdoor wordt de ontlasting minder vettig en blijft men beter op gewicht.

Eerste fase van een acute pancreatitis. Floride fase van acute episoden van chronische pancreatitis. Overgevoeligheid voor varkenseiwitten.

Er zijn geen bijwerkingen bekend van het oraal gebruik van spijsverteringsenzymen.

De meeste medicijnen waaronder ook anti-epileptica, antidepressiva en andere psychofarmaca zijn zo ontwikkeld dat ze ongevoelig zijn voor fysiologische hoeveelheden spijsverteringsenzymen in de dunne darm. Het is derhalve onwaarschijnlijk dat hun werking wordt beïnvloed door inname van orale spijsverteringsenzymen.

De spijsvertering, specifiek de eiwitvertering en de opname van vitamine B12, wordt beïnvloed door het gebruik van maagzuurremmers. Antibiotica kunnen door het afdoden van de microbiota de spijsvertering en derhalve de resorptie van nutriënten remmen.

Bij alle enzympreparaten is een effectieve dosering zeer belangrijk. Helaas is bij vele enzymproducten de exacte dosering ondoorzichtig omdat in veel gevallen de enzymactiviteit ten onrechte in milligrammen wordt uitgedrukt. De hoeveelheid milligrammen van een bepaald enzym zegt niets over de activiteit van dat enzym. Daarom is de enige juiste manier om de potentie van een enzymproduct uit te drukken vermelding van de hoeveelheid enzymen in zogenaamde eenheden (“units”) die een uitdrukking zijn van de snelheid waarmee dat betreffende enzym substraat omzet. Let bij aankoop van een enzympreparaat daarom op vermelding van afkortingen als bijvoorbeeld GDU, ALU, HUT of SAPU bij de ingrediëntendeclaratie.

Het is belangrijk dat de enzymen in fysiek contact komen met het voedsel dat ze moeten helpen verteren. Inname van een enzympreparaat tijdens of vlak na de maaltijd is dus belangrijk. Bij gebruik van capsules kunnen deze eventueel al (kort) voor inname met het voedsel (niet heet) worden vermengd.

Het lichaam maakt gebruik van verschillende spijsverteringsenzymen om voedsel om te zetten in nuttige voedingsstoffen. Zo zijn er enzymen die helpen bij het omzetten van eiwitten, maar ook enzymen voor het omzetten van vetten en het omzetten van koolhydraten. Bromelaïne en papaïne zijn voorbeelden van proteasen, enzymen die eiwitten kunnen omzetten. De eiwitten worden met behulp van deze enzymen omgezet in aminozuren. Bromelaïne wordt ook wel een eiwitsplitsend enzym genoemd. Omdat bromelaïne helpt bij het verteren van voedsel, kan het de maag en darmen ondersteunen in hun functie en daarmee klachten in het maag-darmkanaal verminderen. Daarnaast kan het ook ontstekingen in het maag-darmkanaal verminderen. Het werkt ook ondersteunend voor de genezing van een lekkende darm.

Bromelaïne heeft een ontstekingsremmend effect. Vers ananassap kan, door de aanwezigheid van bromelaïne, een natuurlijke bijdrage leveren in het bestrijden van artritispijn. Het smakelijke bromelaïne-enzym is trouwens niet alleen een uitstekend middel tegen artritis. Het helpt sportmensen ook sneller te herstellen na een operatie aan de spierweefsels. Bromelaïne wordt om zijn ontstekingswerende eigenschappen ingezet bij bijholteontsteking, vaatziekten, verstuikingen, reumatoïde artritis en jicht. Bromelaïne verbetert ook de opname van bepaalde medicijnen. Een dergelijk potentiërend effect van bromelaïne is onder meer bij penicillinen, gentamycine en tetracycline aangetoond. Doordat bromelaïne de circulatie verbetert, vermindert het ook ontstekingspijn en –oedeem en ondersteunt het de wondgenezing (onder andere door regulatie van de collageensynthese). Om die reden wordt bromelaïne ook wel gebruikt om lichte maagontstekingen te behandelen na een indigestie of na het drinken van een teveel aan alcohol.

Wanneer je een bromelaïnesupplement inneemt net voor, tijdens of na de maaltijd zullen de proteasen zich vooral richten op de vertering van het voedsel. Neem je bromelaine in tussen de maaltijden, dan is de kans groter dat de bromelaine terechtkomt in de bloedbaan, via de dunne darm, en daar zijn werk verricht. Het enzym zal dan vooral toxische stoffen uit het lichaam verwijderen. Bromelaïne kan dan ook beter zijn ontstekingsremmende eigenschappen laten zien.

Zowel de vrucht als de steel van de ananasplant bevatten bromelaïne. De chemische eigenschappen van bromelaïne zijn sinds 1876 bekend, en in 1957 is bromelaïne als therapeutische stof geïntroduceerd. Bromelaïne is een verzamelnaam voor een groep van enzymen (sulfhydryl-proteolytische) met een breed bereik, die uit de ananasplant worden gewonnen.

De steel van de plant bevat de hoogste concentratie en hieruit wordt bromelaïne voor therapeutische doeleinden gewonnen. Bromelaïne-enzymen zijn actief bij een pH van 4,5-7,5 en kunnen daarom in de maag en de darmen van de mens de eiwitvertering ondersteunen. Aangetoond is dat bromelaïne even krachtig is als pepsine en trypsine.

Papaïne is een van nature eiwitsplitsende stof (enzym) die in haar functie lijkt op het door het lichaam aangemaakte pepsine en is te vergelijken met bromelaïne. Papaïne wordt doorgaans ook geëxtraheerd en gedroogd tot poeder. Het wordt in de praktijk gebruikt voor het desinfecteren van brandwonden en het verwijderen van dode huidcellen. Tevens kent het haar toepassing bij het bevorderen van de spijsvertering en het behandelen van darmziektes, zoals de ziekte van Crohn. Het is effectief tegen parasieten zoals de larven van de ascaris (spoelworm).

Papaya heeft een regulerende werking op ontstekingsprocessen, dus te gebruiken bij chronische reumatische klachten. Verder heeft het ook een slijmoplossende werking. Het is dus niet te verwonderen dat de Mexicanen het gebruiken bij astma en andere chronische infecties van de luchtwegen.

Papaïne is een enzym afkomstig uit de Papaja en is 100% natuurlijk. Vanwege de vele goede eigenschappen noemen Indianen in Zuid-Amerika de papaja dan ook ‘vrucht voor een lang leven’.

Lipase verteert vetten en verhoogt de opname van lipofiele nutriënten (vitamine A en D). Bij de mens komen verschillende typen lipasen voor, zoals alvleesklierlipase, leverlipase, lysosoomlipase, maaglipase, endotheellipase en verschillende fosfolipasen. De lipase van de alvleesklier splitst vetten (triglyceriden) in 2-acylmonoglyceriden en vetzuren in de dunne darm.

Lipase kan als voedingssupplement worden ingenomen als de lichaamseigen afbraak van vetten ontoereikend is, bijvoorbeeld als gevolg van een verminderde afgifte van gal door de lever en galblaas.

De spijsvertering bevat verschillende enzymen om voedsel gemakkelijk af te breken zonder dat het te veel energie kost van het lichaam. Bij een tekort aan digestieve enzymen in de spijsvertering kan voedsel niet goed in de kleine darm verteerd worden. Het gevolg is dat slechte bacteriën in de stoelgang het onverteerde voedsel gaan aanvallen. Hierdoor treden er prikkelbaredarmsymptomen op, zoals winderigheid en maagpijn. Veel mensen hebben een tekort aan deze digestieve enzymen. Door proactief digestieve enzymen te nemen voor een maaltijd kun je je spijsvertering versterken.

Een digezyme enzymencomplex is een combinatie van de spijsverteringsenzymen amylase, protease, lipase, cellulase met lactase en betaïne HCl.

Trypsine is een eiwitafbrekend enzym dat in de dunne darm van de mens en vele diersoorten voedingseiwitten afbreekt. Trypsine heeft een specifieke functie: het splitst alleen peptidebindingen waarvan de carboxygroep afkomstig is van een van de basische aminozuren lysine en arginine, en wordt daarom in het laboratorium veel toegepast bij structureel onderzoek van eiwitten.

Het enzym wordt gemaakt in de alvleesklier in de vorm van trypsinogeen, een inactief voorstadium van trypsine. Activering van trypsinogeen tot trypsine in de dunne darm wordt veroorzaakt door trypsine zelf (autokatalytisch) of door het enzym enteropeptidase of enterokinase. Het activeringsproces bestaat slechts uit afsplitsing van een N-eindstandig hexapeptide met de volgorde valine-(asparaginezuur)4-lysine, waarbij de valine ook wel een ander aminozuur kan zijn, afhankelijk van de soort waaruit het enzym afkomstig is.

Maagzuur is een vloeistof die nodig is om het voedsel te verteren. De maagwand zelf is goed beschermd tegen het bijtende maagzuur. Bij een teveel aan maagzuur of bij wondjes op het maagslijmvlies kunt u echter last krijgen van het zuur. Dit merkt u aan een zeurderige of scherpe pijn. De pijn treedt meestal ongeveer één uur na het eten op, omdat de aanmaak van zuur dan het hoogst is, en ‘s nachts. Dit verschijnsel heet brandend maagzuur of zuurbranden.

Bij sommige mensen sluit het klepje tussen de slokdarm en de maag niet goed. Zij kunnen last krijgen van maagzuur dat in de slokdarm komt, met name als zij liggen of voorover bukken. De slokdarm kan dan geïrriteerd raken. Dit worden ook wel refluxklachten genoemd. Dit is te merken aan flinke pijn hoog in de buik of achter het borstbeen.

Calciumcarbonaat neutraliseert maagzuur. Het wordt in combinatie met andere werkzame stoffen gebruikt bij brandend maagzuur.  Er zorgt ook voor de aanmaak van verteringsenzymen.

Gelijktijdige inname met onder andere tetracyclinen, chinolonen, digoxine, levothyroxine, eltrombopag, bisacodyl, chloorpromazine, cimetidine, isoniazide, thiamine, fluoride, fosfaten of ijzer kan de resorptie van deze middelen aanzienlijk verminderen. Vanwege mogelijke verandering van absorptiesnelheid wordt geadviseerd om andere geneesmiddelen niet gelijktijdig in te nemen maar 1 à 2 uur voor inname van het antacidum. Bij combinatie met bismutsubcitraat deze 1 à 2 uur voor het antacidum innemen omdat anders de werking van de bismutsubcitraat afneemt. Thiazide-diuretica verminderen de excretie van calcium, met het risico van hypercalciëmie; controleer regelmatig het serumcalciumgehalte bij deze combinatie.

Zowel obstipatie (door calciumcarbonaat) als diarree (door de magnesiumverbinding) kunnen optreden, alsook misselijkheid, braken en spierzwakte. Na langdurig gebruik van hoge doses kan, zeker wanneer tegelijkertijd veel melk(producten) en vitamine D worden gebruikt, het melk-alkalisyndroom (hoofdpijn, misselijkheid, prikkelbaarheid, alkalose, hypercalciëmie, asthenie en niersteenvorming) optreden. Bij langdurig gebruik van hoge doses kan, vooral bij nierfunctiestoornissen, hypermagnesiëmie, hypercalciëmie en alkalose met als mogelijke symptomen maag-darmklachten, vermoeidheid, verwardheid, polyurie, polydipsie, dehydratie, sedatie, spierzwakte, hypotensie, bradycardie en coma optreden.

Ernstige nierfunctiestoornis. Nierstenen. Reeds bestaande hypofosfatemie, condities resulterend in hypercalciëmie.